De hoogtijdagen voor de beide Huissense Gilden zijn de herdenking van het beleg en ontzet uit 1502 op zaterdag, gevolgd door het koning- en vogelschieten op zondag.
BELEG EN ONTZET VAN HUISSEN: ZATERDAG 23 JUNI
Het beleg en ontzet van Huissen, wat ons terugvoert naar 1502. Het jaar dat Karel van Gelre de smakelijke nederlaag tegen de Huissenaren leed. Sinds de oprichting van het Sint Gangulphusgilde in 1536 wordt het beleg en ontzet van Huissen herdacht. Doordat deze herdenking al zeer oud is staat deze dag ook bol van tradities en folklore. De voorbereiding begint al weken van te voren, tijdens de zogenaamde aanbestedingsvergadering. Vragen als: wie wordt er wildeman, drager van het visnet, dokters, vuurmaker en Bielemannen komen dan aan de orde. Vaak zijn er meerdere kandidaten, en soms worden ook bepaalde functies “verkocht”. Degene die het meest bied heeft recht op de functie.
Zaterdagmorgen in de vroege ochtenduren worden door de reveilleploeg de beide koningen met behulp van het Gildenkanon uit hun bed geschoten. Om 8.00 uur gaan alle Gildenbroeders naar de stadskerk waar in de Gildenkapel een Eucharistieviering wordt opgedragen.
Deze viering is speciaal voor de overleden Gildenbroeders. Hierna volgt in het Gildenhuis een broodmaaltijd, waarbij tevens de zilverketens, volgens oud gebruik, gewogen zullen worden.
Tevens is er een wedstrijd pijproken, en wel met originele stenen Goudse pijpen. Dit gebruik is al zeer oud en zal waarschijnlijk ook terugwijzen naar de rijke tabakscultuur die in Huissen en omstreken heeft bestaan.
ZATERDAGSCHOOL
De bende van de Wildeman
Vroeger werd het Beleg en ontzet op maandag gevierd. Op maandagmiddag ging de Wildeman naar de scholen om te kinderen te “bevrijden”. Het gevolg was dat dan veel kinderen met de wildeman meegingen. Nu het beleg en ontzet op zaterdag is is er een speciale zaterdagschool. Twee lokalen in de oude Aloisiusschool zijn beschikbaar gesteld. Voor de kinderen van ongeveer 7 tot 13 jaar wordt er ook dit jaar weer een leuk “lesprogramma” georganiseerd. De ervaring leert dat ook volwassenen deze uitleg zeer op prijs stellen. Vast en zeker zullen ze daarna in geuren en kleuren vertellen welke bende de Wilde Man er dit jaar weer van heeft gemaakt…
Zaterdag, 25 juni 2005, aanvang 10.15 uur. Ingang schoolplein aan de Doelenstraat.
In het Gildenhuis wordt geloot wie er naar het kamp van de Geldersen gaat en wie er in de stad blijft. De “Gelderse” troepen onder leiding van de koning van het Sint Laurentius-gilde gaan naar het looveer, en de “Kleefsen” onder de koning van het Sint Gangulphus-gilde blijven in de stad.
Rond het middaguur vindt het splitsen van de troepen plaats. De Gelderse troepen (de belegeraars) gaan naar het looveer en de Kleefsen ( de verdedigers) blijven in de stad. De verdedigers, maken eerst een rondgang door de stad en als er wegen gebarricadeerd zijn komen de "Bielemannen" in actie om de obstakels te verwijderen.
In het WACHTHUUS (hoofdkwartier van de verdedigers) verzamelen de Huissenaren zich. Vanuit het wachthuus worden regelmatig koeriers met berichten naar de Hertog van Kleef verzonden voor versterking van de stad.. Ook worden brieven naar Karel van Gelre verzonden. In die brieven staat dat de Huissenaren er niet aan denken om hun stad in handen te geven van de Geldersen. Om 14:00 gaan de Gildenbroeders vissen in "de molenkolk" om voldoende voedsel te hebben voor de bevolking tijdens de belegering. Daar zullen ook enkele schermutselingen plaats vinden. De "Wildeman zal heen en weer door de stad gaan om de nodige paniek te zaaien, dit tot groot vermaak van de jeugd.
In de loop van de middag verzamelen de dames van de Gildenbroeders zich in het "Teerhuus" (het was indertijd de gewoonte om de vrouwen in een goed beschermd gedeelte van de stad onder te brengen).
HET GEVECHT OM DE STAD TUSSEN DE KLEEFSE EN GELDERSE TROEPEN ZAL 16:00
en 16:30 PLAATSVINDEN OP DE MOLENWEIDE BIJ DE GILDENMAST EN MOLENKOLK
